Van onderhandelen naar begrenzen

‘Zei je nou ‘begrenzen’?” De teamleider veerde op. “Ik zat erop te wachten dat je hier iets over zou zeggen. We kunnen van alles proberen te begrijpen, maar hier draait het toch om!”

Als ongewenste gedragingen van leerlingen toenemen, wordt de roep om begrenzing sterker. Blijkbaar wordt dit als het ultieme middel gezien om de orde weer te herstellen. Doorgaans wordt er bedoeld: sanctioneren.

De hulpvraag aan mij komt platgezegd vaak hierop neer: “Wat kunnen we nog doen bovenop wat we al doen?” Dat klinkt als een fikse uitdaging, maar valt in de praktijk flink mee. Veel interventies die worden ingezet, hebben immers niets te maken met begrenzing.

  • Blijven waarschuwen; kansen blijven geven; streepjessystemen.
  • Uitgestelde uitvoering van consequenties.
  • Collectieve beloningssystemen, waarbij er punten gespaard worden … ondanks dat een kleine minderheid geen instructies opvolgt.
  • Escalatieprotocollen waarvan niemand hoopt dat ze ooit echt gebruikt moeten worden.

We roepen om begrenzen, maar doen het (soms om begrijpelijke redenen) liever niet.

We benoemen de norm, maar ‘accepteren’ vervolgens dat de norm wordt overschreden. Dan is er sprake van een verzoek; niet van een grens.

We spreken over begrenzen, maar zijn feitelijk aan het onderhandelen. Vreemd, want grenzen – vaak gerelateerd aan veiligheid – zijn niet onderhandelbaar

De essentie van begrenzen is: duidelijk maken wat de grenzen zijn en die vervolgens ook functioneel maken en bewaken.

Een grens is concreet.

  • Niet: “Doe eens normaal.”
  • Wel: “Je mag boos zijn, maar je mag niet schelden.”

Een grens gaat over gedrag; niet over de persoon.

  1. Niet: “Jij bent respectloos.”
  2. Wel: “Omdat je mij uitscheldt, stop ik dit gesprek. We praten verder als je weer normaal kunt praten.”

Een veelgehoorde misvatting: “De leerling moet er zelf voor kiezen om zich te gedragen.” Natuurlijk heeft een leerling een mate van verantwoordelijkheid. Maar bij begrenzen neemt de leerkracht verantwoordelijkheid: “Ik zorg ervoor dat dit gedrag niet kan doorgaan.”

Begrenzen vraagt geen onderhandeling in het moment, maar voorbereiding, helderheid en het lef om consequent te blijven.

Begrenzen is geen afwijzing, maar komt juist tot stand door het begrijpen van wat leerlingen nodig hebben om zich veilig te voelen en te kunnen exploreren.

Als begrenzing goed wordt uitgevoerd, hoeft het vaak niet bij de ‘achterdeur’ van de school uit te komen, maar kunnen we een modus vinden waarbij de veiligheid voor iedereen toeneemt. Mocht je als school dan toch bij de uiterste grens uitkomen, dan is dat met een helpende verwijzing.

In veel scholen zie ik dat de intentie om te begrenzen er absoluut is, maar dat het in de uitvoering vaak schuurt. Ik help je graag om de stap naar een werkbare praktijk te maken.

Over de schrijver
Geboren in 1973. Getrouwd met Colinda. Vader van vijf kinderen. Woonplaats Gouda. Christen. Begeleider en docent bij Kei in de klas. Hobby’s: muziek maken, het verzamelen van stenen en fossielen, outdoor-activiteiten met kinderen en tieners.
Reactie plaatsen