Deze week is er binnen het christelijk en reformatorisch onderwijs veel aandacht voor het thema gezagscrisis. Er wordt nadrukkelijk opgeroepen tot samenwerking hierin tussen school, ouders en kerken.
In vrijwel ieder traject rond gedrag en groepsdynamiek spelen vragen over gezag, samenwerking en verantwoordelijkheid. Het probleem wordt vaak bij de kinderen gelegd, maar dit doet onvoldoende recht aan de brede context.
STERK VANUIT DE BRON
Het verlies van gezag is niet alleen een moreel probleem, maar het laat ook zien hoe contextafhankelijk het eerdere gezag was. Veel volwassenen zijn opgegroeid in een tijd waarin gezag sterker werd gedragen door een gedeelde cultuur, een samenleving waarin de kerk breder geaccepteerd werd, meer sociale controle en duidelijke rolpatronen.
De vraag is niet: hoe krijgen we het oude gezag terug? Maar: hoe bouwen we aan gezag dat anticipeert op het denken van deze tijd en wat gebaseerd is op blijvende overtuigingen? Gedrag dat vooral wordt gedragen door traditie houdt geen stand wanneer de samenleving verandert, maar leven vanuit de Bron heeft een tijdloos gevolg, ook in kinderharten.
WETMATIGHEID
Gezag wordt vaak gekoppeld aan gehoorzaamheid. Ten diepste gaat het echter over orde en verantwoordelijkheid en is het een basaal scheppingsonderdeel.
Dat een steen naar beneden valt, accepteren we als een natuurkundige wetmatigheid. Zo kunnen we kinderen ook leren dat mensen en samenlevingen functioneren dankzij ordening, relaties en verantwoordelijkheid. Gezag is dan geen extra eis, maar hoort bij het leven.
De vraag wordt dan: hoe leren we kinderen de werkelijkheid begrijpen, zodat gezag weer betekenis krijgt? Hier liggen ook mooie kansen voor het uitleggen van Bijbelse waarheden.
VEILIGHEID
Veel ‘lastig gedrag’ komt niet voort uit onwil, maar is niet zelden een reactie op onzekerheid of het ontbreken van veiligheid. Wanneer kinderen zich niet begrepen voelen, kan dit zichtbaar worden in hun gedrag. Ik zie soms dat de nadruk eerst ligt op gehoorzaamheid, terwijl het begrijpen van het kind juist een belangrijke voorwaarde kan zijn om tot echte verandering te komen.
SAMENWERKING
De oproep tot meer samenwerking van school-ouders-kerk is waardevol.
Echter, samenwerking ontstaat niet alleen vanuit gedeelde waarden, maar ook vanuit een cultuur waarin vragen gesteld mogen worden en verantwoordelijkheid gedeeld wordt – naar beide kanten toe. Wie bepaalt de opvoedagenda? Wie mag de moeilijke vragen stellen? Wie wordt daarin serieus genomen?
DAADKRACHT
Samenwerking of niet, een school mag ook zelfstandig verantwoordelijkheid nemen om gezag te onderstrepen. Dat verwachten we van ouders; maar zij ook van ons.
Doe als school waar je voor staat. Stel grenzen en handhaaf ze. Zie hierover mijn recente blog.
Gezag vraagt dus niet om terugkeer naar de verleden tijd, maar om opvoeders die vanuit overtuiging, veiligheid en verantwoordelijkheid opnieuw voorleven wat gezag betekent.






